Accepteer cookies om deze inhoud in te laden.

Onuitgesproken kennis

Onuitgesproken kennis is belichaamd, sociaal, ervaringsgericht, vaak onbewust en speelt een belangrijke rol in het architectuurdiscours en in de architectuurpraktijk. Toch blijft het onderwerp vaak onderbelicht, deels omdat het per definitie niet expliciet kan worden gemaakt door taal alleen of kan worden opgeschreven en vastgelegd in archieven. Na jaren van oefening en training zal een ervaren architect zonder enige moeite een logisch plan kunnen tekenen, maar nog steeds moeite hebben om de onuitgesproken en persoonlijke intuïtie uit te leggen die tot een bepaalde ontwerpoplossing leidt, of tot een bepaalde grafische stijl. In die zin strekt onuitgesproken kennis van de architectuur zich uit van fysieke vaardigheden als tekenen of knutselen tot de gevoeligheid om de kwaliteit van het eindproduct te beoordelen, of het nu gaat om een schets, plan, maquette, tekst, gebouw of stedelijke ingreep.

Tegelijkertijd is onuitgesproken kennis vaak het gemeenschappelijke bezit van een specifieke ‘onuitgesproken kennisgemeenschap’. Voor mensen die bij een architectenbureau, school of instelling werken kan onuitgesproken kennis de productie versnellen en de communicatie vergemakkelijken. Dit vindt plaats op basis van een gedeelde reeks impliciete conventies die in de loop der tijd zijn aangeleerd door socialisatie, herhaalde observatie en oefening. Maar voor mensen die buiten een dergelijke ‘onuitgesproken kennisgemeenschap’ staan, kan diezelfde onuitgesproken kennis een belemmering vormen voor wederzijds begrip. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer het grote publiek moeite heeft om te begrijpen waarom een bepaald gebouw onenigheid veroorzaakt, of wanneer een aannemer zich afvraagt waarom een bepaald detail zo ingewikkeld is. Uiteindelijk is het de bedoeling van het TACK-netwerk om deze relaties tussen ‘onuitgesproken kennisgemeenschappen’ en hun netwerken te ontrafelen. Het netwerk overstijgt bestaande theorieën over onuitgesproken kennis in andere vakgebieden en kijkt naar de rol van onuitgesproken kennis binnen de architectonische discipline zelf en naar die van verbindingen met aanverwante praktijken en geïnteresseerden.

TACK detacheringen

Het Nieuwe Instituut, dat deel uitmaakt van het innovatieve trainingsnetwerk van het TACK, maakt de institutionele detachering mogelijk van vier promovendi: Hamish Lonergan (ETHZ), Claudia Mainardi (PoliMi), Paula Strunden (AkBild) en Jhonno Bennet (UCL). De promovendi worden gedetacheerd terwijl hun eigen academisch onderzoek gewoon doorloopt. Zij worden in de praktijk blootgesteld aan de onuitgesproken kennis die een rol speelt bij het werken in een grote architectuurinstelling. Zij worden betrokken bij een breed scala van activiteiten die in Het Nieuwe Instituut worden uitgevoerd, van archivering en curatie tot communicatie, schrijven, onderwijs en organisatie. In samenwerking met medewerkers en onderzoekers leren zij door te kijken en te doen. Daarnaast organiseert een van de promovendi, Hamish Lonergan, een zomerschool voor zowel TACK-promovendi als externe deelnemers.

De promovendi ontwikkelen als onderdeel van hun detachering ook een onderzoeksproject in het kader van de onderzoekstrajecten van het studiecentrum. Op basis van de Rijkscollectie voor Nederlandse Architectuur en Stedenbouw zullen de TACK-promovendi verschillende onderzoeksmethoden inzetten – waaronder reconstructie, experimenten met virtuele werkelijkheid en discours- en netwerkanalyse – om de impliciete kennis te verkennen die besloten ligt in de expliciete documenten in het archief. In de loop van de tijd worden bijgewerkte versies van hun onderzoek hier, op de website van het Jaap Bakema Study Centre, gedocumenteerd.

Het Jaap Bakema Study Centre faciliteert onderzoek via en in samenwerking met andere culturele en academische instellingen. Lees hier meer over het netwerk en de partners.